Deze voorstellen zijn het resultaat van denkwerk van 50 Leuvenaars in maart en april van 2012.
Leuven behoudt zijn landbouwgronden. Te veel grond gaat verloren aan wegen, huizen en industrie
Het inpalmen van grond heeft nadelen voor de rechtszekerheid van landbouwbedrijven. Het is het eerste productiemiddel waarover ze moeten beschikken, zonder grond geen toekomst.
De stad moet agrarische gebieden vrijwaren van zonevreemde inmenging zoals haar beleidsplan zegt, en daar niet langer uitzonderingen op toestaan. Het beschikbare areaal landbouwgrond in Leuven was in 2011 1005 HA, dertig jaar eerder ging het nog over 1387 HA. Deze langzame afbraak moet stoppen.
Leuven krijgt een stadsboer(-in), in stadsdienst. Boeren komen te weinig in beeld en worden geïsoleerd.
Een stadsboer is geen tijdelijke ambassadeursfunctie maar een tewerkstelling. Deze boer kan bewerkers van volkstuintjes en gemeenschapstuinen bijstaan met raad en daad. Hij kan ongebruikte percelen toegewezen krijgen. Hij kan aan de slag in privé-tuinen die niet gebruikt worden, zoals vaak bij oudere mensen in de stadsrand. Hij werkt zoveel mogelijk samen met buurt bewoners en vrijwillige tuinders en geeft zijn kennis al doende door.
Leuven steunt een systeem van distributie voor lokaal voedsel. Lokaal voedsel is niet vlot bereikbaar in de stad.
In de regio rond Leuven zijn heel wat kleine en middelgrote bedrijven die voedsel produceren. De vruchten van het stadsnabije land geraken dikwijls niet tot in de stad of slechts via allerlei omwegen. Een Leuvense korte keten van streek- en hoeveproducten kan de lokale afzet en consumptie sterk uitbreiden. Het bestaande voorstel voor een “stadsschuur” in eigendom van boeren en stedelingen verdient steun van de stad.
Leuven geeft een agrarische bestemming aan Abdij van Park. Leuvenaars verliezen de voeling met hun voedsel, de grond en de seizoenen.
De Abdij werd recent in erfpacht genomen door Stad Leuven, maar gronden en gebouwen kregen nog niet allemaal een bestemming. Aangezien de abdij een grote geschiedenis heeft als agrarische gemeenschap, is het logisch om dit te respecteren. In het bijzonder de imposante tiendenschuur van de Abdij leent zich voor projecten rondom landbouw en voeding. De nabij gelegen velden kunnen gebruikt worden als oefengrond voor kinderen, voor een gemeenschapstuin ...
Leuven maakt werk van een lokale voedselcultuur. Het cultuurbeleid heeft minstens één blinde vlek en dat is voedsel als verbindend element tussen de mensen.
Duurzame voeding heeft met waarden te maken: vertrouwen (bv. tussen producent en consument), duurzaamheid, respect voor de natuur, voor landbouw, voor voeding, voor verschillende eetculturen, voor onze voorouders en voor toekomstige generaties. Het stedelijk cultuurbeleid is een katalysator om die waarden te verspreiden.
Leuven ondersteunt de Donderdag Veggiedag campagne. Ook de Leuvenaars eten te veel vlees.
Donderdag Veggiedag is een campagne die gemeenten kunnen omarmen om hun inwoners te stimuleren om tenminste één keer per week lekker vegetarisch te eten. Eén dag in de week zonder vlees of vis, maar mét veel groenten en fruit. Een veggiedag op donderdag. Donderdag wordt zonderdag, gezonderdag.
Voor de gezondheid, voor het milieu, voor de dieren, voor andere mensen: het matigen van vleeseten heeft echt wel zijn voordelen.
Leuven organiseert een grootkeuken die het goede voorbeeld geeft. Er wordt veel te veel eten weggegooid.
De Stad Leuven kan een grootkeuken starten voor haar personeel met een voorbeeldfunctie en dus een groot aanbod aan vegetarische, lokale en bio gerechten. De stad ondersteunt Leuvense grootkeukens om duurzamer te worden. Ze introduceert systemen die verspilling tegengaan zoals portionering en weging van porties en overschotten. Na gescheiden ophaling van het afval gebeurt hergisting.
Leuven geeft subsidies voor lokale projecten over voeding. Een ander voedselsysteem bewijst zich in de praktijk.
De stad voorziet terecht in werkingsmiddelen voor organisaties gericht op jeugd, cultuur, Noord-Zuid, erfgoed, sport en noem maar op. De organisaties die werken aan sociale innovaties in het Leuvense voedsellandschap verdienen dezelfde steun. Naast planning en regels is er ook nood aan projecten en experimenten: met een beperkte steun is veel mogelijk.
Leuven voert een beleid waardoor er in privé-tuinen meer voedsel geproduceerd wordt. Te veel tuinen worden niet gebruikt en zijn onderbenut.
Leuven kan als makelaar optreden voor vragers en aanbieders van tuinen. Een ongebruikte tuin ligt wellicht in de buurt van iemand die ruimte zoekt om te tuinieren. Door deze te koppelen ontstaan kangoeroe-tuintjes oftewel een garden-swap. Extra ondersteuning kan via stadsboeradviezen, kompostmeesterschap, een lokale zaadbankwerking, ...
Leuven werkt met zijn buurgemeenten aan een regionaal voedselbeleid. Stad en platteland werken niet goed samen voor landbouw en voeding.
De stadsregio Leuven heeft groot potentieel voor de ontwikkeling van een regionaal voedselsysteem als belangrijke niche. Dat streeft naar het voldoen aan de voedselbehoefte met een kleinere voetafdruk, naar het bestrijden van overgewicht, het bevorderen van eerlijke handel, het waarderen van lokale gastronomie. Het samenwerken tussen stad en gemeenten is nodig, net zoals samenwerking met bedrijven, consumenten, onderzoekers, organisaties.
Leuven heeft een voedseladviesraad. Veel lokale kennis gaat verloren door een ondermaats georganiseerde participatie.
De raad ontwikkelt nuttige adviezen die er komen doordat betrokkenen uit de voedsel- en landbouwsector samen nadenken met Leuvenaars. Via een adviesraad krijgt inspraak een vaste bodem en heeft de stad een klankbord voor haar voedsel- en landbouwplannen.
Meer info over het project 'een voedselstrategie voor Leuven' & Foodlab: Wim Merckx, 0488 994 606. Organisatie: Voedselteams vzw, in samenwerking met Netwerk Duurzaam Leuven en Vredeseilanden. Met de steun van de Vlaamse Gemeenschap, Thuis in de Stad en STUK
De foto's zijn genomen door Herald Aerts tijdens de Leuvense Foodlab van 15 maart in STUK.
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| 708.85 KB |







