Voedselteams, hoeveverkopen, zelf oogst projecten, boerenkramen op een markt ... dit soort directe verkoopkanalen hebben een verzamelterm: de korte keten. De publieke aandacht voor deze initiatieven groeit sterk, hun verdere ontplooiing is een feit maar wordt afgeremd door diverse knelpunten. Om hieraan te verhelpen, nam Voedselteams het initiatief voor een symposium in 2010. De uitkomst is het Plan voor de Korte Keten, afgekondigd door landbouwminister Peeters op 12 oktober 2011. We zijn daar zeer verheugd over, al mocht er voor ons toch iets meer vlees aan het bot hangen.
Het decor voor de bekendmaking van het plan was een commissiezaal van het Vlaams Parlement. De achterste rij stoelen was bezet door enkele van de onderschrijvers. Naast Voedselteams zijn dat Bioforum, Steunpunt Hoeveproducten, Innovatiesteunpunt Boerenbond, VLAM, Algemeen Boerensyndicaat en de vijf Vlaamse provincies. Elk op hun manier zijn die partners actief binnen het veld van de korte keten.
Ze ontwikkelden samen een knelpuntennota om vanuit dat overzicht naar oplossingen te zoeken. De acht doelstellingen van het plan verduidelijken waarover het gaat:
1. Producenten informeren en sensibiliseren: via website en campagne
2. Consumenten informeren en sensibiliseren: idem
3. Het realiseren van professionele begeleiding van producenten
4. Bevorderen van kennisuitwisseling en –ontsluiting en het stimuleren van bijkomend onderzoek
5. Overleg creëren om de knelpunten in de wetgeving weg te werken mbt ruimtelijke ordening, voedselveiligheid, overheidsteun voor kleine bedrijven en projecten
6. Het marktpotentieel van de korte keten uitwerken: logistiek verbeteren, marktontwikkeling ondersteunen
7. Een coherent beleid bekomen en versnippering van middelen tegengaan bij overheden en organsiaties
8. Duurzaamheid van afzet en productie stimuleren: verbeteren van de korte keten prestaties op vlak van economie (eerlijke prijszetting, lokale economie), ecologie (voedselkilometers besparen), het sociale (herstel van lokale contacten en samenwerking)
De eerste verdienste van het plan is dat het een duidelijke erkenning is van de korte keten als een innovatief en duurzaam afzetsysteem in een lokale en kleinschalige context. Het plan bevat een Vlaamse consensus over de vijf basisprincipes van de korte keten:
- Betrokkenheid: de consument weet wie zijn product gemaakt heeft en de producent weet waar zijn producten naartoe gaan, de relatie tussen beiden is rechtstreeks, vaak vertaald in direct contact
- Het beperkte aantal schakels in de voedselketen
- De zeggenschap over de productiemethode, aanbod en prijs zit bij de producent, die heeft meer kans op het bekomen van een eerlijke prijs
- Het lokale karakter: plaatselijk geteelde producten worden lokaal verkocht. Bij verwerking van landbouwproducten worden de gebruikte grondstoffen in principe uit eigen productie of de lokale omgeving gehaald.
- De korte keten biedt kans om in contact te komen met de landbouwpraktijk en inzicht te krijgen in productieprocessen, de seizoenen, de distributie …
Worden niet als korte keten beschouwd: actoren uit de grootdistributie en voedselverwerkende industrie waarbij het product niet langer eigendom is van de producent of de producent de prijs niet zelfstandig kan zetten.
Voor de uitvoering wordt, om te beginnen, het platform Korte Keten opgericht en een contactpunt bij de overheid ingesteld. Er wordt in 2011 nog 50.000 € vrijgemaakt voor “quick win projecten” (uitvoering in 2012) die bijdragen aan de realisatie van het plan. Andere acties, zoals een website die alle info over de korte keten moet ontsluiten en een bijhorende campagne, moeten volgen.
De reacties van de aanwezige parlementsleden waren opvallend positief, zij willen ook op de hoogte blijven van de uitvoering en er na een jaar opnieuw een debat aan wijden.
Voedselteams zelf is tevreden vanwege de goede samenwerking met de diverse partners aan dit plan, inclusief de medewerkers van het departement Landbouw. Op zichzelf is dit resultaat er ook sneller gekomen dan oorspronkelijk verwacht. De realisatie bewijst dat het lonend kan zijn om goede voorbeelden uit het buitenland -in dit geval het Franse plan voor de korte keten- te gebruiken om er een eigen recept op te baseren. Op zijn beurt wil Vlaanderen deze korte keten ondersteuning nu exporteren naar de rest van Europa. Minister Peeters kondigde een overleg aan waarin Vlaanderen het plan zal voorstellen aan medewerkers van de EU en had het over een kans om als Vlaanderen een goede beurt te maken.
Maar het budget dat vrijgemaakt werd is een bescheiden start. Wij hopen dat dit kan stijgen tijdens de komende jaren, het zal daarom nodig zijn om de samenwerking binnen het Platform Korte Keten goed aan te pakken. Het ziet er helaas niet naar uit dat de deelnemers aan dit platform middelen krijgen om er extra tijd in te investeren.
Een andere zwakte van het plan is het ontbreken van de ambitie voor de uitbouw van een echt steunpunt voor de Korte Keten. Zo een steunpunt zou een veel sterkere pro-actieve rol kunnen spelen om kennis te verzamelen, onderzoeksopdrachten op te volgen, de belangenverdediging op zich te nemen enzovoort. Er was grote watervrees bij de overheid om op dit voorstel in te gaan. Dit vanwege budgettaire redenen: er zou een nieuwe structuur neergezet worden en “dergelijke organen hebben de neiging om een dynamiek te krijgen die altijd meer geld vergt”. Anderzijds was er geen overeenstemming over welke organisatie een dergelijk steunpunt zou moeten uitbouwen.
Misschien is de tijd binnen enkele jaren wel rijp voor een dergelijke structurele ingreep.
Landbouwminister Peeters situeerde de coördinatie en zorg voor de werking van het platform Korte Keten bij het contactpunt van de overheid, in de praktijk is dat een medewerker(ster) van het departement Landbouw en Visserij. Ons lijkt het eerder de taak van het betrokken middenveld om te waken over de dynamiek en te zorgen voor een goede vertegenwoordiging ten aanzien van de overheid. Ten bewijze geldt het initiatief van Voedselteams voor de opmaak van dit plan: nieuw beleid krijgt gestalte na de impuls van een maatschappelijke organisatie en het organiseren van overleg en samenspraak. De dynamiek van een adviesplatform laten afhangen van de overheid heeft een duidelijk risico met betrekking tot de inzet van de andere deelnemers. Immers, als het eigenaarschap bij een ander zit, verliest je betrokkenheid aan belang.
Alles kan beter, ook dit plan. Intussen is er wel een stap in de goede richting gezet. Aan de slag ermee.
De tekst van het Strategisch Plan Korte Keten vind je hier.