Vanuit enkele Oost-Vlaamse voedselteams kwam de vraag om duurzaam graan van eigen streek te kunnen kopen. Er werd rondgekeken en vastgesteld: zulk graan is niet zomaar voorhanden, steeds minder eigenlijk. Dat was de aanleiding om in actie te schieten: we vroegen een boer om een partij biologisch graan te telen, en lieten het vermalen. In Oost-Vlaanderen en Vlaams-Brabant wordt die beperkte voorraad bloem nu verdeeld via de voedselteams.
Korte keten bewijst zich
De regiowerker voor Oost-Vlaanderen vroeg bioboer/akkerbouwer Joris Cambie uit Poperinge om enkele hectaren met baktarwe te zaaien en die ging daar graag op in.
Vervolgens werd het graan in de Heirmolen in Lokeren vermalen. Dat is één van de molens die door de vrijwilligers van de vzw Levende Molens worden uitgebaat. Hun ambachtelijke molens situeren zich buiten het economische circuit van vandaag, maar vervullen wel nog een andere rol: tijdens demonstratiedagen tonen ze het vernuft van de oude molentechnieken, ze worden ook als oefenterrein gebruikt tijdens de molenaarsopleidingen die de vzw geeft.
Aldus werd een eerste partij tarwe gemalen, een grove maling die nog veel vezels in de bloem overliet: pure en stevige voltarwebloem uit eigen streek, biologisch geteeld en ecologisch vermalen. Voedselteams vzw was er trots op en organiseerde twee verdeeldagen waarop de bloem vlot van de hand ging. Het aanbod gold voor de leden van de teams, maar de verdeling in Brabant gebeurde ook publiek.
Tijdens de wekelijkse markt van Kessel-Lo op 25 februari 09, konden voorbijgangers ook een partij bloem op te kop tikken. Het streven daarbij was niet een hoog verkoopvolume, maar wel de aandacht trekken op de achteruitgang van de graanproductie bij ons. En dat lukte, want het bericht hierover werd veelvuldig overgenomen door nieuwsredacties, er kwamen ook reacties uit onverwachte hoeken.
Biologisch graan
Tijdens de actie kreeg Voedselteams te maken met ongeloof over de mogelijkheid om op een biologische manier tarwe te telen. Boer Joris Cambie geeft meer uitleg:
“Het spreekwoord dat hier geldt is ‘onbekend maakt onbemind’. We hebben hier al 1000 jaar granen geteeld op een biologische manier, waarom zou dat ineens niet meer kunnen? Er moet dan wel gekozen worden voor een heel andere manier van aanpakken. In de biologische teelt kunnen we niet ingrijpen als een probleem zich al stelt, we moeten de problemen dus vermijden. Mensen halen drie problemen aan met betrekking tot biologische tarwe: de onkruidbestrijding, de ziektebestrijding en de verminderde opbrengst. Laat me daar op een eenvoudige manier op antwoorden.
Om de nood aan onkruidbestrijding te vermijden, zaai ik geen winter- maar zomertarwe. Oorspronkelijk deed iedereen dat, je krijgt dan ook een betere kwaliteit want de zon heeft bij die tarwe haar werk kunnen doen. Vanwege het kortere seizoen krijgt het onkruid niet de kans zich te manifesteren. Eerder had ik al geprobeerd om de wintertarwe gewoon laat op het seizoen te zaaien, maar dat gaf toch weer andere problemen die met regen en koude te maken hebben.
Om ziekten te bestrijden grijpen ze in de gangbare teelt naar sproeimiddelen. Maar waarom komen er luizen en andere plagen op het graan? Dat heeft met de soort van bemesting te maken. De chemische middelen richten zich rechtreeks naar de wortels van de planten. We krijgen dan een geforceerde groei met zwakkere cellen, en dus een gevoeliger gewas. We kunnen de plant wél gezond houden door te zorgen voor een gezonde basis, door gezonde grond dus. De bioteler zal aandacht hebben voor vruchtwisseling op zijn percelen en vooral door het bodemleven te verzorgen. Daarvoor gebruiken we stalmest of compost, geen bemesting die zich rechtreeks tot de plant richt. Met het zaaien van zomertarwe gunnen we de grond ook een beetje rust, want die teelt is minder veeleisend voor de grond.
De opbrengst per hectare is inderdaad wat minder, maar de kosten zijn dat ook. Er wordt bespaard op bemesting en bestrijding. Mijn tarwe brengt ongeveer 6,5 ton op per hectare. Met wintertarwe kunnen meer kilo’s geproduceerd worden, maar de opbrengst per ton is dan weer minder. Alles bij elkaar is de keuze voor biologisch graan niet minder rendabel.
Uiteindelijk is de opbrengst als criterium eigenlijk wel terug te brengen tot de consument die alles zo goedkoop mogelijk wil. Die keuze is schadelijk, ik heb daarom ook graag aan deze actie mee gewerkt.”
Een actie met gevolgen
Met de opname van twee artikels met achtergrond over graan en biologisch graan op de website van Voedselteams kreeg de actie ook de nodige diepgang.
In die artikels werd enerzijds vastgesteld dat de teelt van graan verbonden is met de sociale en culturele ontwikkeling van de boeren en stadsbewoners doorheen de eeuwen. De keuze om steeds minder voor onze eigen graanproductie te zorgen, is dus ook een culturele ontwikkeling. Een cultuur die zich laat drijven op economische motieven met een beperkte visie.
Anderzijds werd vastgesteld dat er in Vlaanderen weinig aandacht is voor de negatieve ontwikkeling van de graanproductie in eigen streek en dit in tegenstelling tot Wallonië en alle directe buitenlanden.
Maar we kunnen optimistisch zijn want verscheidene boeren schijnen dan toch plannen te maken om biologische granen te telen. Zo zal de vernieuwde interesse voor vergeten groenten, oude graansoorten in dit geval, en het belang van streekproductie ook op dit terrein voor vernieuwing zorgen: le retour en avant. Voedselteams vindt dat verheugend nieuws want met graan en brood hebben we het over basisvoeding waarvan we gemiddeld nog 120 gram per dag eten. De vzw zal niet nalaten om een actieve rol te blijven spelen bij de ontwikkelingen op dit terrein, en hoopt om binnenkort op continue basis, graan uit eigen streken te kunnen aanbieden via haar korte keten aanpak: de rechtstreekse verkoop van boer naar verbruiker.
Test-Aankoop koopt ook brood
Net in de week dat deze graanactie publiek werd voorgesteld, pakte Test-Aankoop uit met een onderzoek naar de prijsvorming en kwaliteit van het brood. Als gevolg van hun bevindingen uitten ze een vermoeden van prijsafspraken onder de bakkers. Er volgde een welles-nietes spel met de Bakkersfederatie hierover.
Het is een debat dat Voedselteams naast de kwestie vindt. Zoals de voorzitter van de molenaarsvereniging Molenaars 2000 in een interview met Voedselteams opmerkte: iedereen weet dat kwaliteit leveren ook zijn hogere prijs heeft. Maar kiezen we nog voor kwaliteitsvoeding of vinden we goede bakgranen en lekker brood een luxe die ons geld niet waard is? Steeds meer bakkers kiezen voor goedkopere bloemsoorten vanwege het financiële profijt, toevoeging van broodverbeteraars en andere worden als compensatie gebruikt. Wil Test-Aankoop dat stimuleren?
Test-Aankoop klaagt aan dat de vrijmaking van de broodprijs sinds 2004 niet tot prijsconcurrentie onder de bakkers heeft geleid, want ze verkopen hun broden voor ongeveer dezelfde prijzen. Bijgevolg zou de klant geen keuze kunnen maken. Zoiets stellen is een brug te ver. De klant die zijn keuzes maakt op basis van de prijs, gaat al langer naar de supermarkt waar ze de industriële broden aan veel lagere prijzen kunnen vinden. Als Test-Aankoop wil dat de bakkers zich aan elkaar meten op basis van wie het goedkoopste kan, dan dringen ze eigenlijk aan op een kwalitatieve achteruitgang van ons brood en op het verdwijnen van kleinere bakkers. Het is bepaald kortzichtig en we kunnen ons afvragen of ze ‘de klant’ die ze vertegenwoordigen, daar een dienst mee bewijzen.
Conclusie
De invalshoek van Test-Aankoop verschilt alleszins sterk van die van Voedselteams waarbij de uitgangspunten zijn: voedsel moet niet om ter goedkoopst, maar het moet met respect geproduceerd. De boeren en producenten verdienen daarvoor een gezinsinkomen dat hen stimuleert om te blijven kiezen voor kwaliteit, duurzaamheid en eerlijke voeding. Lekker eten is een basis voor geluk, het past niet om dan af te dingen voor een paar centiemen en zo het geluk van een ander te bedreigen.
Voedselteams wil met deze actie hun morele steun betuigen aan alle boeren en producenten die de kwaliteit niet willen opofferen. De leden van Voedselteams weten niet alleen wat ze eten, ze weten ook waarom. Ze hopen ook dat anderen hun voorbeeld volgen.
In bijlage kan je luisteren naar de bijdrage op Radio 1 over de graanactie.
Voedselteams is dankbaar voor de samenwerking met Joris Cambie, Maria De Rooze, Jan Op de Beeck, Eddie Niesten, EVA-Vlaams-Brabant, Hartenboer Vlaams-Brabant.
Noot:
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| graanactie.mp3 | 1.99 MB |