Herinner jij je nog de eerste weken nadat je aansloot bij een voedselteams? Velen van ons hebben even een knop moeten omdraaien en routines en gewoontes moeten aanpassen. De universiteit van Gent, die een onderzoek startte naar innoverende alternatieven op het voedselsysteem, wou wel eens weten wat het verschil was tussen de routines en gewoonten van de leden van een voedselteam en de consumenten van het reguliere voedselsysteem. Ze besloten 9 leden en 2 ex- leden van Voedselteams te bevragen en woonden verschillende vergaderingen en activiteiten bij. Ze spraken ook enkele producenten en medewerkers van de vzw, naast externe landbouwkenners.
Consumptie is ingebed in een reeks alledaagse routines, regels, activiteiten en structuren: het tijdstip waarop we winkelen, de manier waarop we winkelen, hoe we ons verplaatsen, de factoren die beïnvloeden wat we gaan eten ( vb. ingrediënten die beschikbaar zijn), enz. Deze dagelijkse routines zijn een belangrijk element in de transitie naar een meer of minder duurzaam voedselsysteem. De universiteit van Gent onderzocht hoe deze routines werden ingevuld bij onze leden. De volgende routines werden onder de loep genomen: Hoe verloopt het winkelproces (bestellen, selecteren, afhalen)? Wat zijn hun winkelroutines (depot en afspraken)? Hoe koken en eten de leden?
Zoals te verwachten viel, verschilden de routines en gewoontes van leden van een voedselteam met die van de reguliere consument.
Terwijl een reguliere consument makkelijk altijd dezelfde groenten koopt in de winkel, is dit bij een lid van Voedselteams meestal niet het geval, door het aanbod van groentepakketten en unieke (ambachtelijke) producten kiezen ze voor een meer afwisselende voeding. Lokale en verse voeding zet aan tot het ontdekken van andere smaken en soorten en dit lijkt te leiden tot een creatief en efficiënt consumptieproces. Sinds de leden zijn aangesloten bij Voedselteams gaan ze ook bewuster om met hun voeding en er wordt minder uitgegeven aan onnodige extra’s.
Bij de bevraging van de leden werd er naar hun mening over het bestelsysteem gevraagd. Vele leden onderkennen dat ze het in het begin moeilijk hadden om één week vooraf hun bestelling te plaatsen, maar meenden ook dat er na verloop van tijd nog weinig ongemak was. Enkelen vonden dat deze methode van bestellen leidde tot een betere huishoudelijke planning. In de studie wordt het bestelsysteem van Voedselteams omschreven als een specifieke sterkte, er wordt tijd bespaard en men investeert meer in voeding.
Ook het depotsysteem werd onder loep genomen. In het onderzoek wordt er gesproken van een onderling vertrouwen en een hogere tolerantie t.o.v. het organisatieproces omdat de leden in contact blijven komen met elkaar op de wekelijkse afhaalmomenten en hier ook afspraken over hebben. Als sociaal-culturele beweging kunnen we dit alleen maar toejuichen.
Tot slot formuleerden de onderzoekers nog enkele algemene conclusies en suggesties voor Voedselteams:
Voedselteams heeft als praktijk het potentieel om innovatie in landbouwpraktijken te stimuleren via de vraag van hun consumenten. Men haalde hier het voorbeeld aan van de groenteburgers die werden opgenomen in het productengamma van Oost-Vlaanderen dankzij de vraag van een consument. Via Voedselteams werd er een producent gevonden die deze wou produceren voor de leden in ruil voor een gegarandeerde afzet. Niet al deze innovaties slagen, men geeft de suggestie om vooraf een marktanalyse te doen waarbij wordt uitgezocht wat de werkelijke vraag is en zo kan men de landbouwer aanzetten tot procesinnovatie door hem een vaste afzet te garanderen.
Als korte keten initiatief heeft Voedselteams een significant minder grote milieu-impact dan de conventioneel moderne consumptiepraktijken en heeft ook positieve effecten ten aanzien van duurzame ontwikkeling doelstellingen:
Op macroniveau biedt Voedselteams een economisch perspectief voor landbouwers die de overgang naar een ander type landbouw willen maken doordat zij een gediversifieerd lokaal teeltplan verbindt met een groep van consumenten die hier de meerwaarde van inzien.
Op ketenniveau kan Voedselteams een stuk van de faciliterende rol van de overheid overnemen door groepen en consumenten die een premium prijs betalen, te koppelen aan landbouwers die aan het omschakelen zijn naar een meer ecologisch verantwoorde en lokale keuze. De gebruikelijke omschrijving van landbouw wordt zo aangevuld met een interpersoonlijke invulling van duurzame landbouw.
Ook op het vlak van energieverbruik en emissies scoort Voedselteams goed. Producenten worden eerst gescreend op duurzaamheid, er wordt hier rekening gehouden met biodiversiteit, hernieuwbare energie, gebruik van kassen, enz.
Het rapport omschreef echter ook een bedreiging voor Voedselteams:
De consumenten voeren druk uit op de praktijk van de landbouwers, een voorbeeld hiervan is het aanbod van losse groenten dat men telkens weer wil uitbreiden. In het rapport staat wat de voordelen zijn voor de boer om groentepakketten klaar te maken. Volgens het rapport moet er meer aandacht worden besteed aan de voordelen van een groentepakket.
Het rapport zag ook een kans voor Voedselteams: Het aanbod van biologische producten is kleiner dan de vraag in België, daarom is er een sterk groeipotentieel mogelijk voor Voedselteams. Voedselteams zou meer flexibel moeten reageren op de vraag aan nieuwe leden om toe te treden.
Tenslotte werden er nog enkele pistes voor toekomstig onderzoek aangeboden:
| Bijlage | Grootte |
|---|---|
| Synthese document Consentus voedselteams als praktijk-1.pdf | 312.86 KB |
| CONSENTSUS_final_report-1.pdf | 4.62 MB |