De vzw Voedselteams begon op 1 oktober 2008 met een project in het Zuidelijke deel van de provincie Vlaams-Brabant: Zuid-Hageland (en een stukje Haspengouw).
Het project heeft drie doelen:
Voor het project werkt Voedselteams samen met drie vaste partners: boerderij De Brabander uit Kersbeek-Miskom - het Leuvense Centrum voor Agrarische Geschiedenis - en Hartenboer, een samenwerkingsverband van duurzame Hagelandse boeren en producenten
De uitvoering wordt mee mogelijk gemaakt door de steun van de provincie Vlaams-Brabant, de Vlaamse Gemeenschap en de Europese Unie. Samen voeren ze het Leader+ programma 2007-2013 uit, een initiatief voor plattelandsontwikkeling en ondersteuning van nieuwe initiatieven op het platteland. Er zijn vijf Vlaamse Leader+ gebieden waaronder het Vlaams-Brabantse Hageland.
Het project van Voedselteams –het kind zoekt nog een naam- zal zich in het bijzonder richten naar drie groepen van inwoners: ouderen, jonge gezinnen en groepen uit de gezondheidszorg. Zij, maar ook de andere inwoners, worden uitgenodigd om zich te verenigen voor de organisatie van een lokaal depot: een lokaaltje waar de bestelde groenten, fruit, zuivel, vlees en andere producten elke week worden geleverd.
De ouderen immers hebben sterk te lijden onder het verhoogde isolement, als niet-beroepsmatig actieve bewoners van gemeenten waar de lokale dienstverlening steeds achteruitgaat. Oude dorpskernen verliezen hun lokale middenstand en dat verplicht hen voor veel eenvoudige maar noodzakelijke diensten de auto te nemen of het openbaar vervoer. Het project wil de schaal van de (oude)woonkernen herwaarderen, een schaal op mensenmaat.
Veel jonge gezinnen gingen recent in het Hageland wonen. Voor hen is het niet eenvoudig om aan te sluiten bij de lokale gemeenschap. Het verenigingsleven biedt kansen, en een aangename buur kan iedereen zijn. Maar het spontane en “kleine” ontmoeten op straat, bij bakker of slagerij, is geen alledaags genoegen meer. Deze groep heeft grote interesse in gezonde, duurzame, kwaliteitsvolle en veilige voeding maar heeft op dat vlak geen aanbod in de eigen omgeving. We willen de gemeenschapsbanden extra kansen geven via buurtgroepen die een samen aankoop van voedsel organiseren.
Steeds meer groepen uit de gezondheidszorg hebben ziektepatronen die verband houden met hun voedingsgewoontes, denk aan gluten- en andere allergieën, diabetes en sommige hart- en vaatziektes. Ook voor hen is een vlottere bereikbaarheid van gezonde voeding van groot belang, samen met een verhoogd inzicht in de effecten van hun voedingsgedrag.
Het project wil kansen bieden aan boeren en tuinders en artisanale verwerkers die een duurzame praktijk hebben en die kiezen voor een directe, regionale afzet.
Ten aanzien van een landbouweconomie die geen grenzen meer kent en die de kleinere spelers verplettert tussen schaalvergroting en prijzenconcurrentie, nemen zij een bijzondere positie in. Een positie met grote waarde op verschillende terreinen. We noemen er drie:
Zelf willen we hen extra kansen aanbieden via
Het Hageland als regio met landelijk en agrarisch karakter, leent zich uitstekend voor dit project. De ontwikkeling van duurzame korte ketens* bleef tot vandaag ondermaats in vergelijking met de sterkte in de nabije streek rond Leuven. Het gevolg is dat veel Hagelandse producenten hun afzetgebied in deze Leuvense regio vonden. De versterking van de lokale economie kan gebeuren door te proberen deze afzet in de eigen regio te houden. Ondermeer ook het Plattelandsplan Vlaams-Brabant vraagt extra inzet op dat vlak. Het project zal daarom een nieuwe directe verkoopsstructuur onderzoeken, ontwikkelen en ondersteunen.
Over welke regio gaat het precies? De grenzen van het Hageland zijn naargelang de lokale gevoeligheden en geschiedenis anders te trekken. Voor dit project werd rekening gehouden met de afbakening die het Leader+ project zelf voorstelt. Concreet gaat het om 9 hoofdgemeenten waaronder 51 deelgemeenten vallen:
Korte keten = de directe band tussen solidaire gezinnen en producenten
Een korte voedselketen is een zo rechtstreeks mogelijke relatie tussen de producenten en de eindverbruikers van de voeding. De kortste ketens zijn de eigen moestuin en de thuisverkoop door producenten (indien het eigen productie is).
In de gangbare circuits staan er ondermeer veilingen, groothandels en detailhandelaars, transporteurs en externe controleurs tussen deze twee partijen. Daardoor wordt hun band onzichtbaar gemaakt, onpersoonlijk en financieel nadeliger. Van de prijs die de eindverbruiker betaalt, komt maar een schijntje bij de eigenlijke boer of producent terecht.
Een korte keten is dus een werkmodel: een oplossing voor de lage inkomens van kleine boeren, een praktische oplossing in ieders bereik. Het handelingsperspectief dat dit biedt neemt voor een deel de gevoelens weg van machteloosheid tegenover de globale politiek van internationale voedselmarkten, verlies aan voedselvariëteiten, meedogenloze prijzenconcurrentie en concentratie van winsten.
Er wordt een coördinator aangesteld die zal werken binnen de structuur van de vzw Voedselteams en die in nauw overleg zal samenwerken met de andere actoren. Het project loopt tot de zomer van 2010. Daarna zal het netwerk blijvend ondersteund worden door de regiowerking van Voedselteams.
Contactgegevens: Wim Merckx – projectcoördinator Hagelandse korte keten - Vzw Voedselteams vlaams-Brabant@voedselteams.be 0495 101 439